Nieuws

Olen - Waarom de deontologische commissie

Vooruit Olen

Tuesday 30

September 2025 17:00

Waarom de kwestie rond de vete tussen raadslid Bart Van Opstal en oud schepen Marc T’Seyen moet worden voorgelegd aan de deontologische commissie

Door Maarten Verstappen – raadslid, Vooruit Olen

Inleiding

Op 3 september 2025 vond tijdens de gemeenteraadszitting van Olen een verhitte uitwisseling plaats tussen raadslid Bart Van Opstal en oud schepen Marc T’Seyen. De discussie start naar aanleiding van een sociale media (Facebook) post en escaleerde binnen de raadszaal tot een bitsige scheldpartij. Naar aanleiding hiervan heb ik een schriftelijke vraag ingediend om de deontologische commissie bijeen te roepen.

In dit artikel licht ik toe waarom de vermeende gedragingen van beide betrokkenen een duidelijke schending vormen van de deontologische code voor mandatarissen en waarom een formeel onderzoek noodzakelijk is.

1. De fundamentele waarden van de deontologische code

De deontologische code voor lokale mandatarissen, legt de nadruk op zes kernwaarden: dienstbaarheid, functionaliteit, onafhankelijkheid, openheid, vertrouwelijkheid en zorgvuldigheid. Deze waarden worden concreet vertaald in gedragsregels die onder meer respectvol en correct communiceren (art. 55‑57) en zich houden aan het huishoudelijk reglement (art. 57). Wanneer deze regels worden geschonden, ondermijnt dat niet alleen de integriteit van de individuele mandataris, maar ook het vertrouwen van de burger in de gemeentelijke instelling.

2. Welke artikelen precies lijken geschonden?

Artikel

Kernregel

Beschrijving van de vermeende schending

55

Respectvol omgaan met elkaar, college en medewerkers

Tijdens de raadszitting werd een “bitse woordenwisseling” gevoerd. De uitwisseling bevatte persoonlijke aanvallen en beledigende opmerkingen die niet passen bij een collegiale sfeer.

56

Correcte (verbale, non‑verbale, schriftelijke) communicatie

Zowel in de raadszaal als op Facebook werden ongepaste, denigrerende uitspraken geplaatst (“kus mijn kloten t’seyen”). Deze uitingen schenden de norm van correcte communicatie en verspreiden onjuiste informatie over asielzoekers.

57

Naleving van het huishoudelijk reglement en gehoorzaamheid aan de voorzitter

De voorzitter vroeg herhaaldelijk om de raad te schorsen; deze oproep werd genegeerd. Het negeren van de voorzitter vormt een directe overtreding van het reglement en ondermijnt de orde binnen de vergadering.

3. Waarom de impact verder reikt dan een persoonlijke ruzie

  1. Schade aan de publieke integriteit – Het publiek ziet de raadsleden als voorbeeldfiguren. Openbare beledigingen en het verspreiden van onjuiste informatie via sociale media ondermijnen de geloofwaardigheid van de raad.
  2. Verslechtering van de dialoog tussen raad en burger – Door de discussie te escaleren op een platform dat bedoeld is voor transparante communicatie, wordt de mogelijkheid tot constructieve burgerparticipatie belemmerd.
  3. Risico op precedent – Als dergelijk gedrag onbestraft blijft, ontstaat er een gevaarlijk precedent waarbij mandatarissen zich vrij voelen om persoonlijke aanvallen te gebruiken als politieke tactiek.

4. Procedurele noodzaak

Volgens artikel 68 van de deontologische code moet een mandataris een vermoeden van een overtreding melden bij de algemeen directeur (of diens aangewezen personeelslid). Na een eerste beoordeling volgt een vooronderzoek (art. 68‑69). Mijn schriftelijke vraag en het bijgevoegde pleidooi vormen een formele melding. De voorzitter van de raad en de algemeen directeur hebben reeds aangegeven de ontvankelijkheid te zullen beoordelen. Gezien de ernst van de beschuldigingen en de concrete verwijzingen naar meerdere artikelen, is een volledige beoordeling door de deontologische commissie onvermijdelijk.

5. Wat we van de deontologische commissie vragen

  • Objectief onderzoek van de feiten rondom de raadszitting van 3 september 2025 en de daaropvolgende social‑mediaposts.
  • Beoordeling of de gedragingen van zowel Bart Van Opstal als Marc T’Seyen daadwerkelijk in strijd zijn met artikel 55, 56 en 57.
  • Aanbeveling van passende sancties of corrigerende maatregelen, zodat toekomstige incidenten worden voorkomen.
  • Transparante rapportage aan de gemeenteraad en, waar passend, aan het publiek, om het vertrouwen in de raad te herstellen.

6. Conclusie

De deontologische code bestaat niet alleen als theoretisch document, maar als praktisch instrument om de kwaliteit van ons lokaal bestuur te waarborgen. De incidenten van 3 september 2025 tonen een duidelijk conflict met de kernprincipes van respect, correcte communicatie en naleving van het reglement. Het is daarom van essentieel belang dat de deontologische commissie haar taak uitvoert, een grondig onderzoek start en, indien nodig, corrigerende maatregelen treft. Alleen door consequent op te treden tegen dergelijke overtredingen kunnen we de integriteit van de raad behouden en het vertrouwen van de inwoners van Olen versterken.

Met dit pleidooi vraag ik de deontologische commissie om haar verantwoordelijkheid te nemen en de zaak grondig te onderzoeken.


Ga naar Vooruit Olen
Over de Auteur

Vooruit Olen

Deel dit artikel met je vrienden.

Dit vind je misschien ook
interessant