LOKAAL: Interview met schepen Mieke Hoste
Vooruit Brugge
Tuesday 19
August 2025 11:17
"Kijk Vooruit en zie niet om"
Het gesprek met schepen Mieke Hoste vindt plaats bij mij thuis, in Malpertuske, in de Oostmeers. Mieke is in de nieuwe legislatuur schepen van personeel en organisatie, burgerzaken, klantgerichte dienstverlening en administratieve vereenvoudiging. Dat Mieke graag over eten praat, is geen geheim voor mij. Vandaag leerde ze me iets nieuws, namelijk ‘broodje Spermalie’. Het is een stukje brood met een laagje verse boter, gekruid met peper en zout. De studenten eten dit, net voor ze aan een shift beginnen.
Waarom Vooruit?
‘De grootste gemene deler tussen mij en Vooruit is de solidariteit binnen onze samenleving. Dat ik voor de socialistische partij zou kiezen, was meer dan evident. Ik ben al lid van sp.a sinds mijn achttiende; wat bij ons thuis niet zo eenvoudig was, gezien ik in een katholiek nest ben opgegroeid. Ik was toen actief in de kern Brugge Noord, een heel actieve kern in Sint-Pieters, in café de Normandie. Ik was actief lid van deze kern voor minstens tien jaar. Door het stichten van ons gezin en de opstart van Pietje Pek was mijn deelname verminderd, toch tekende ik elk jaar present op de optocht op 1 mei.’
‘Mijn grootste inspirator was Karel Van Miert. Hij kwam net zoals ik uit een groot landbouwersgezin. Als voorzitter zorgde hij er niet alleen voor dat er meer vrouwen in de partij kwamen, maar ook dat ze serieus werden genomen. Ik keek naar hem op, omdat hij gevochten heeft voor zijn standpunt in de kwestie van de raketten in Kleine-Brogel. Dat zijn dingen waar ik wakker van lig, de toekomst die we voor onze kinderen en kleinkinderen maken. In mijn persoonlijk en professioneel leven heb ik veel onrecht meegemaakt, bij mensen. Bij deze situaties kies ik ervoor om niet toe te kijken, maar er iets mee te doen. Dat streven heeft mij overtuigd om me verkiesbaar te stellen voor de lokale verkiezingen in 2012. Ik wil mijn uiterste best doen om voor de burger het verschil te maken en hen te helpen bij hun noden.’
Je bent schepen van personeel en organisatie. Als politiek verantwoordelijke van het menselijk kapitaal van dit openbaar bestuur, heb je een cruciale sleutel in handen. Hoe pak je dit aan?
‘We moeten evolueren naar een hedendaags personeelsbeleid. Alle stadsmedewerkers vertegenwoordigen hun stad en daarom willen we het negativisme dat bestaat naar ambtenaren wegwerken. We doen dit door de focus te leggen op de kwaliteitsvolle dienstverlening die onze medewerkers elke dag bieden. Ze mogen trots op zijn wat ze doen en kunnen dit ook uitdragen bij het uitvoeren van hun job. We spreken onze medewerkers daarom ook aan als “civil servants”. Daarom moeten er wel een aantal zaken aangepast worden. We mogen als werkgever niet blijven vasthouden aan het rigide systeem van de verloning, zoals het was. Daarom zullen we het moderniseren met als doel om die krachten die we vroeger misten, ook binnen te kunnen halen. Een modern functionerings- en evaluatiesysteem moet er bovendien voor zorgen dat de juiste persoon op de juiste plek werkt. We werken momenteel concreet aan een betere manier om beroepservaring mee te laten tellen bij aanwervingen. Daarnaast wil ik sterk inzetten op diversiteit, door ervoor te zorgen dat onze medewerkers binnen onze administratie een goede afspiegeling vormen van de samenleving. Dit streven geldt voor alle functiegroepen, en dus niet alleen voor bijvoorbeeld logistieke functies. Er is geen extra budget voorzien voor deze vernieuwende acties binnen het personeelsbeleid. Daarom wordt er ook samengewerkt met alle afdelingen (clusters), om na te gaan of elke medewerker op de juiste manier wordt ingezet. We moeten ervoor zorgen dat het werk werkbaar blijft voor iedereen. Er komt een nieuwe structuur met zeven afdelingen, elk met een eigen afdelingsverantwoordelijke, zodat binnen elk team alle medewerkers en processen goed opgevolgd kunnen worden. Er worden verdere stappen gezet in de inkanteling van het OCMW in de Stad en we zullen daarbij eerst starten met de fusie van de sociale diensten Sodibrug en Sofoco.’
Wat is jouw sociale stempel op de dienstverlening naar de Bruggelingen?
‘Ik geef het voorbeeld van de huwelijken. Mijn voorgangers stonden rechtop bij de huwelijksplechtigheid en ze kijken van daaruit naar het koppel en de mensen. Ik heb ervoor gekozen om neer te zitten, omdat ik zo op dezelfde hoogte zit als het koppel. We maken zo direct oogcontact en ik kan hen zo veel persoonlijker aanspreken. Het voelt meer informeel en ongedwongen aan.’
‘We zijn bezig met de digitalisering van heel wat dienstverlening. Maar niet iedereen is mee in dit verhaal. Daarom moeten we blijven we inzetten op dienstverlening met persoonlijk contact. De trend van de laatste jaren, om alles op afspraak te doen, is niet voor iedereen een goede zaak. Er is nog steeds nood aan een loket dat bereikbaar is voor onverwachte vragen en noden. Ook zorgen we er verder voor dat alle dienstverlening in alle deelgemeenten beschikbaar is. Daarom hebben we ook de bus van de Bruggeling en een digitaal mobiel loket. Dit betekent dat de ambtenaar aan huis komt, dit is nu enkel mogelijk voor mensen die zich niet kunnen verplaatsen. Het is de bedoeling om dit nog meer te gebruiken in regio’s zoals verderop in Sint-Michiels en Zwankendamme, voor een ruimer doelpubliek. Omdat op afspraak werken efficiënter is in deze regio's.’
Welke persoonlijke competenties helpen je, om je mandaat uit te voeren?
‘Mijn ervaring in personeelsbeleid, vanuit Pietje Pek. Maar ook mijn ervaring en maturiteit bieden mij een kritische kijk op dossiers en situaties. Daarnaast ben ik ook wel echt een doener. Ik heb een visie en standpunt, maar ik reageer altijd snel en hands on.’
Wat is jouw werkpunt?
‘Spreken voor een groep is moeilijk voor mij. Ik kijk op naar collega’s die maar een woord nodig hebben om iets te vertellen. Na een bijeenkomst kom ik thuis en dan weet ik plots wat ik had moeten zeggen. Maar het moment is dan voorbij.’ Ze lacht.
‘Ik kan veel gemakkelijker één op één- met mensen praten, daar voel ik me veel beter bij. Via persoonlijk contact maak ik een goed contact met mensen en zo krijg ik inzicht in hun zorgen en vragen.’
Hoe kan de Bruggeling de administratieve vereenvoudiging -concreet- voelen?
‘Momenteel kan je daar nog niet veel van merken, we brengen nu eerst een aantal zaken in kaart. Bijvoorbeeld het aanvragen van vergunningen, bij het organiseren van activiteiten. Deze aanvraagmodule heeft nu een veel te hoge drempel en is niet gebruiksvriendelijk. De huwelijksaangifte zal binnenkort volledig digitaal mogelijk zijn. Deze nieuwe, gebruiksvriendelijke module is de grootste vernieuwing binnen burgerzaken. Uiteraard zal fysieke aangifte nog steeds mogelijk blijven. Eigenlijk zouden we per publieksgerichte dienst de stromen in kaart moeten brengen. Wat er naar de burger toe vertrekt, wat er terugkomt en hoe we dit kunnen verbeteren. Het taalgebruik is al een iets, bijvoorbeeld bij de aangifte van de jubilea stond er nu de vraag ‘Wil je er pers bij hebben?’. Niet iedereen weet wat dit betekent, dus dit hebben we nu al veranderd in: ‘Wil je een foto in de krant?’. Dit is een groot werk, we zetten hier nu ook verder op in. Het is een hele belangrijke bevoegdheid, maar het is niet iets waar je onmiddellijk resultaat van ziet of waarmee je kan uitpakken. We hebben wel de “live enrollment” pasfoto’s geïntroduceerd in burgerzaken, dit wil zeggen dat er bij de aanvraag of vernieuwing van de identiteitskaart kosteloos foto’s genomen worden in het Huis van de Bruggeling. Ondertussen kan dit nu ook al in alle deelgemeenten en we zullen de service ook introduceren voor de rijbewijzen.’
Je woont zelf in een deelgemeente van Brugge. Welke aandacht bied jij aan de noden van deze inwoners? Voorbeeld actie?
‘Het openbaar vervoer in de deelgemeenten is wel een zwak punt. Brugge Noord wordt op dit punt stiefmoederlijk behandeld en het begint eigenlijk al in Sint-Pieters. Deze noden worden momenteel ook niet goed verdedigd door de bevoegde beleidsmakers. In het nieuwe vervoersplan, ingevoerd in de vorige legislatuur, werden er in Sint- Pieters heel wat haltes geschrapt en werd de verbinding in de Zeebrugse strandwijk erg verzwakt. In onze partij hebben we gelukkig mandatarissen die van mobiliteit hun strijdpunt maken, ik denk aan collega Annick Lambrecht.’
Collega Joke Knockaert heeft een vraag voor je: ‘Wat is jouw levensmotto?’
‘Kijk vooruit en zie niet om. Bijvoorbeeld: ik was heel hard geraakt door de uitspraak van de rechter over de geluidsoverlast bij Pietje Pek. Toch stond ik de volgende ochtend op en dacht ik, we moeten nu kijken naar oplossingen, we moeten nu verder. Ik ben heel optimistisch, maar ook wel realistisch. Het leven overkomt mij, zoals bij ieder ander mens en ik zal er even bij stilstaan, maar ik blijf niet bij de pakken zitten. Je komt er ook sterker uit, of om het in het Engels te zeggen:what doesn’t kill you makes you stronger.’
Het bestuursakkoord stadsbestuur Brugge 2025-2030. Welke drie acties staan bovenaan jouw lijstje?
‘Op de eerste plaats huisvesting, vooral de sociale huisvesting. Niet iedereen heeft de mogelijkheid om een huis aan te kopen. Bovendien zitten we met een hele moeilijke huurmarkt, met te weinige aanbod en onmogelijke prijzen. Mijn tweede punt is de toegankelijkheid van de dienstverlening, binnen Burgerzaken. Als laatste voeg ik een hedendaags personeelsbeleid toe, met als hoofddoelstelling een verloning aangepast op ervaring.’
Burgerinspraak lijkt heel belangrijk. Hoe kan je tegemoetkomen aan de kritiek dat beleidsmakers te weinig luisteren naar burgers.
‘Niet door “buurt aan de beurt” te organiseren. Of dan toch niet meer op de wijze waarop het nu wordt gedaan. De bijeenkomst in de buurt is heel fijn, maar de huidige aanpakt mist op vandaag cruciale elementen van inspraak. De vorm zou eerder moeten lijken op een klein politiek debat, met open gesprekken over bepaalde thema’s. Inspraak blijft een moeilijke zaak, omdat je veel dezelfde personen bereikt, maar niet de groep die je wel wil bereiken. Ik bedoel de jongeren, zij blonken uit in afwezigheid bij de vorige verkiezingen.’
Hoe moet Brugge veranderen voor jou, tegen de tijd dat jouw kleinkinderen volwassen zijn? Welke verwezenlijkingen moeten tegen dan gerealiseerd zijn?
‘Het is misschien een utopie, maar ik hoop dat koning auto minder prominent aanwezig zal zijn in het straatbeeld. Ik zou graag hebben dat de kinderen opnieuw op straat kunnen spelen en zo een onbezonnen jeugd kunnen beleven. Mijn kleinkinderen kunnen nu niet zelf met hun fiets naar Dudzele komen doordat de fietspaden op vandaag niet aangepast zijn aan het hedendaags fietsverkeer, ze zijn te gevaarlijk en de ondergrond is oneffen. Investeren in de infrastructuur blijft een belangrijke opdracht.’
De volgende mandataris die we interviewen, is schepen Pablo Annys. Heb jij een vraag voor Pablo?
‘Het uitvoerend bestuur van onze stad heeft op dit ogenblik geen evenredige samenstelling op basis van gender. Hoe zorg jij ervoor dat de equipe met uitvoerende mandatarissen een weerspiegeling heeft van de maatschappij, rekening houdend met alle vormen van diversiteit?’
👉 Interview en tekst door Jonathan Jetten

Ga naar Vooruit Brugge
Over de Auteur
Vooruit Brugge
Deel dit artikel met je vrienden.