Nieuws

Anja Vanrobaeys wil een modern kader voor telewerk en een afdwingbaar recht op deconnectie: “Telewerk is een blijvende realiteit van onze arbeidsmarkt.”

Anja Vanrobaeys

Federaal parlementslid

Monday 06

July 2026 11:20

BRUSSEL, 1 JULI 2026 - Federaal Vooruit-parlementslid Anja Vanrobaeys pleit voor een modern kader voor telewerk. Telewerk zit vandaag in een juridisch vacuüm. Er wordt beroep gedaan op cao nr.85, ondertussen al 20 jaar oud. Gevolg: er is geen algemene, duidelijke regelgeving rond kantoordagen en thuiswerkdagen, rond de terugbetaling van apparatuur en onkosten en rond de bescherming van privacy.
Daarnaast blijft ook het recht op deconnectie een lege doos. Juridisch is het niet duidelijk of het van toepassing is op mensen die aan telewerk doen, wat net de grens tussen werk en privé doet vervagen.
Verder heeft de overheid geen zicht op hoeveel bedrijven dit invoerden, is er een gebrek aan controle en opnieuw geen algemene regeling. Gevolg: zes op de tien werknemers heeft het gevoel altijd bereikbaar te moeten zijn. Vanrobaeys pleit daarom voor een modern kader rond telewerk en een verbetering van het recht op deconnectie.
Met moderne, duidelijke regelgeving en afdwingbare afspraken.

“Telewerk moet eindelijk deftig geregeld worden. Het is geen gunst, geen hype. Het is een blijvende realiteit van onze arbeidsmarkt”, stelt federaal Vooruit-parlementslid Anja Vanrobaeys. “Vandaag geeft 6 op de 10 werknemers aan dat ze altijd bereikbaar moeten zijn. Dat toont exact aan wat het probleem is: er is echt nood aan duidelijke afspraken over wanneer teams samen op kantoor zijn en wanneer werknemers kunnen telewerken. Met transparante arbeidstijden en vooral een afdwingbaar recht op deconnectie voor alle werknemers, ook in kleine ondernemingen. Met goed georganiseerd telewerk kunnen we de work-life balance van werknemers net verbeteren.”


Sinds de coronapandemie is telewerk alomtegenwoordig. In België krijgt 40% van de werknemers de mogelijkheid om te telewerken. België bevindt zich zo in de top 5 van Europa, volgens cijfers van sdwox. Dat is niet zo gek, want telewerk biedt veel voordelen, voor zowel werknemers als werkgevers.
Voor werknemers betekent telewerk minder pendelen, meer autonomie en een betere combinatie van werk en gezin. En ook werkgevers zien de opportuniteiten: kantoren kunnen kleiner, op bepaalde dagen kan de verwarming uit en de huurkosten gaan omlaag.
Telewerk werd zo een structurele manier van werken. Toch ontbreekt tot op vandaag elke structurele organisatie van telewerk.
Uit een bevraging van Acerta blijkt dat 1 op de 3 werkgevers wil dat werknemers opnieuw meer op kantoor aanwezig zijn.
Werkgevers voelen dat de band met het bedrijf verzwakt, dat nieuwe collega’s moeilijker ingewerkt raken en dat teams minder spontaan
samenwerken. 
Tegelijk willen werknemers net het omgekeerde: 4 op de 10 wil méér thuiswerken.
Om een oplossing te bieden is een duidelijk wettelijk kader voor telewerk nodig. Het kader waar we momenteel beroep op doen, cao nr. 85, is intussen al meer dan 20 jaar oud. Federaal Vooruit-parlementslid Anja Vanrobaeys onderscheidt daarbij verschillende problemen:

1. Er bestaat geen algemene regeling voor telewerk
Volgens dat verouderd kader worden de belangrijkste afspraken over telewerken nog altijd grotendeels individueel geregeld. Een algemene regeling is er dus niet en sociaal overleg wordt zo uitgeschakeld. Bovendien moet een werkgever niet eens motiveren waarom een telewerkverzoek wordt geweigerd.

2. Telewerk zit nu in een juridisch vacuüm
Telewerkers worden uitgesloten uit de Arbeidswet van 16 maart 1971. Dat heeft 2 gevolgen:
a. Juridisch worden de telewerkers zo gelijkgesteld met thuiswerkers. Bij thuiswerk staat de werknemer niet onder direct toezicht of rechtstreekse controle van de werkgever. Bij telewerk is die controle er nochtans wél. Zo explodeerde tijdens de coronapandemie de vraag van de werkgevers naar monitoringsoftware.
b. Telewerkers worden uitgesloten van bepaalde regels in de Arbeidswet betreffende de arbeidsduur, de rusttijden en de pauzes, de naleving van uurroosters of de nachtarbeid. Gevolg: juridisch verhindert niets dat een telewerker ’s avonds of ’s nachts moet werken, of meer dan acht uur per dag moet presteren zonder daarvoor te worden vergoed.

3. Geen duidelijke regeling voor de terugbetaling van kosten
Het kader rond de terugbetaling van kosten is te vrijblijvend. De terugbetaling van bijvoorbeeld het internet en de apparatuur die de werknemer nodig heeft om de job te beoefenen zijn daarin wel opgenomen. Maar wat met verwarming, elektriciteit of gas? En
wat valt er dan net onder de terugbetaling van apparatuur? Wat met ergonomische investeringen die een werknemer doet? Volgens onderzoek van Acerta krijgt vandaag 14,08% van de bedienden in België een thuiswerkvergoeding. Dat is meer dan het dubbele van in
2021 (toen kreeg maar 6,93% van de bedienden een vergoeding) en dus een stap vooruit. Een algemene regeling zorgt er evenwel voor dat élke werknemer, zonder uitzondering, een thuiswerkvergoeding krijgt.

4. Geen duidelijke regeling voor de bescherming van privacy en persoonsgegevens
De bescherming van de privacy en de persoonsgegevens wordt te weinig gewaarborgd. Een nieuw kader zou ook rekening moeten houden met de GDPR-regeling.
Digitale hulpmiddelen komen met voordelen, maar ook met risico's. Zo doet telewerken de grenzen tussen werk en privé vervagen, waardoor sommige werknemers zich permanent bereikbaar voelen. Met de Arbeidsdeal werd daarom al 1 belangrijke stap gezet: het recht op deconnectie. Bedrijven met meer dan 20 werknemers moeten duidelijke afspraken maken over bereikbaarheid buiten de
werkuren. Op papier klinkt dat goed, maar in de praktijk blijft het recht op deconnectie een lege doos. Zes op de tien werknemers geeft aan altijd bereikbaar te moeten zijn, omdat ze ook na de uren gecontacteerd worden door hun baas. Dat blijkt uit onderzoek van Protime. Daarnaast blijkt uit nieuwe cijfers van de Europese Unie dat België tot de landen behoort waarin werknemers het meest buiten de uren gecontacteerd worden.

Vanrobaeys ziet daarom ook in het recht op deconnectie vandaag verschillende hiaten:

1. Het is onduidelijk of het recht op deconnectie ook geldt voor telewerkers
Vandaag is het onduidelijk of het recht op deconnectie juridisch van toepassing is op telewerkers. Aangezien zij buiten de klassieke regels inzake arbeidsduur vallen (zie punt 2 hierboven). Dat is problematisch aangezien net vooral telewerken de grens tussen werk en privé doet vervagen.

2. Recht op deconnectie geldt pas vanaf 20 werknemers
Voor bedrijven met 19 werknemers geldt het recht op deconnectie zo al niet. Nogal absurd in een KMO-land als België, waar 96% van de bedrijven minder dan tien werknemers telt, volgens cijfers van Statbel. De Raad van State oordeelde in het verleden al dat deze grens arbitrair is en mogelijk ingaat tegen het gelijkheidsbeginsel.

3. Amper CAO’s afgesloten voor het recht op deconnectie
Eerst en vooral staat 3 jaar na de Arbeidsdeal het totaal aantal sectoren met een cao over het recht op deconnectie op slechts 51. Dat is minder dan één derde van alle sectoren.
Nochtans was het net de bedoeling dat dit recht via cao’s en arbeidsreglementen concreet zou worden vertaald naar duidelijke afspraken binnen bedrijven en teams.

4. De overheid vaart blind
Daarnaast blijkt dat de overheid vandaag niet kan nagaan in hoeveel ondernemingen het arbeidsreglement effectief werd aangepast om het recht op deconnectie te regelen. De registratietool voor arbeidsreglementen laat niet toe dat te analyseren. Niemand heeft zicht op hoeveel bedrijven telewerk nu effectief geregeld hebben, laat staan hoe.

5. Gebrek aan controle
De arbeidsinspectie is in principe bevoegd om te controleren of het recht op deconnectie wordt toegepast. In de praktijk blijkt echter dat er nog geen overtredingen zijn vastgesteld.. Net daarom dient Vanrobaeys een resolutie in voor een modern wettelijk kader voor telewerk en een verbetering van het recht op deconnectie. Met structurele, duidelijke regelgeving en afdwingbare afspraken.


Ga naar Anja Vanrobaeys
Over de Auteur

Anja Vanrobaeys

Federaal parlementslid

Deel dit artikel met je vrienden.